Propagatienieuws – week 11 2026
Deze week in Propagatienieuws:
- HF: uitstekende condities voor Bouvet Island;
- Tropo: zondag verhoogde tropo;
- Sporadische-E: wachten tot aanvang seizoen;
- Meteoorscatter: Russell-McPherron-effect in de vroege ochtenduren;
- Aurora: geen info deze week;
- EME: korte maan vensters.
Propagatienieuws wordt samengesteld door Tom Koeken (PC5D).
HF
In tegenstelling tot vorige week steeg de zonneflux de afgelopen dagen tot circa 145, wat vooral merkbaar was in de bovenste banden. Er waren weliswaar geen M-flares die de ionosfeer extra hadden kunnen ‘opladen’, maar enkele tientallen C-flares zorgden voor vrij stabiele omstandigheden. Dinsdagavond was er een korte toename van de geomagnetische activiteit (Kp 5), die echter snel weer afnam. De MUF steeg bijna dagelijks boven 30 MHz. Dankzij de langere dagen was de 10 m-band al meer dan tien uur open, hoewel de signalen niet bijzonder sterk waren.
Momenteel zijn vijf zonnevlekkengebieden naar de aarde gericht. Deze gebieden vertonen echter slechts een geringe magnetische complexiteit, zodat het risico op krachtige flares gering blijft (M-flares ongeveer 20 %, X-flares ongeveer 1 %). Er wordt daarom slechts geringe tot zeer geringe zonneactiviteit verwacht en blijven de HF-omstandigheden matig tot goed. De zonneflux zal waarschijnlijk afnemen tot circa 120. Als gevolg van een coronaal gat is de zonnewindsnelheden momenteel licht verhoogd. De geomagnetische activiteit zal de komende dagen variëren tussen rustig en actief (Kp 2-4), waarbij ook af en toe kleine G1 stormen met Kp 4 mogelijk 5 kunnen voorkomen, met name in de vroege ochtend van 10 maart als gevolg van CME-effecten. De oorzaak hiervan zou de filamentuitbarsting zijn die op 6 maart omstreeks 0230 UTC in het zuidoostelijke kwadrant plaatsvond. De modelberekeningen tonen echter wat variatie tussen net wel of net niet raken van de aarde.
HF-vooruitzichten
De komende week zullen de omstandigheden naar verwachting niet wezenlijk veranderen: alle banden zullen weer open gaan en mooie DX bieden – en dat niet alleen aan de bovenkant van de kortegolf. Wie een grote pile-up tegenkomt, heeft een goede kans om de DX-petitie 3Y0K op het spoor te zijn: de overtocht naar Bouvet Island is gelukt na het wachten op een geschikt weervenster. Sinds 1 maart is daarmee een van de zeldzaamste DXCC-gebieden weer QRV. Vanuit Europa zijn er openingen op alle banden; de beste signalen zijn te verwachten op 10 en 12 m in de vroege namiddag en op 20/17/15 m in de vroege avond. Ook de Duitse DX-petitie in Guinee-Bissau J51A werkt hard en produceert bij ons luide signalen; van daaruit zijn al verbindingen tot stand gekomen op 50 MHz naar Zuid-Europa en midden Frankrijk.
Tropo
Dit weekend wordt bepaald door een sterk hogedrukgebied bij Roemenië en een oplossend lagedrukgebied bij de golf van Biskaje. Zondag levert dit rond Nederland een gebied op van gematigde tot verhoogde tropo. Maar daarmee houdt het weer gebonden propagatienieuws o0k op. Regenscatter is niet te verwachten. Er kwam wel een vraag over de effecten van Saharazand op de propagatie. Troposcatter werkt doordat radiosignalen worden verstrooid door kleinschalige onregelmatigheden in de troposfeer. Saharazand kan een stoflaag meevoeren met veel extra deeltjes per kubieke meter. Hoewel troposcatter vooral wordt bepaald door refractie indexvariaties en niet door fysiek “botsen” met stof, kunnen extra deeltjes de fijnschalige structuur van de lucht versterken. Dit kan leiden tot: iets sterkere scatter en stabielere scatterpaden. Daarnaast kan er een effect zijn op de brekingsindex door verandering van temperatuur- en vochtprofielen. Troposcatter kan hierdoor licht verbeteren of verslechteren, afhankelijk van de exacte omstandigheden. Bij typische troposcatterbanden op VHF tot lage SHF is stofverzwakking verwaarloosbaar. Bij hogere SHF/EHF kan zware stofbelasting wel leiden tot extra absorptie en verstrooiing.
Op internet zij hierover o.a. de volgende publicaties te vinden: https://agupubs.onlinelibrary.wiley.com/doi/pdf/10.1029/2002JD003273 en https://www.eeeguide.com/tropospheric-scatter-propagation/
Sporadische-E.
Aangezien we nog ver verwijderd zijn van het gebruikelijke begin van het seizoen dus nog even wachten met Sporadic-E.
Meteoorscatter
De vooruitzichten voor meteorscatter worden nog steeds bepaald door willekeurige activiteit, dus zoals gewoonlijk verdient deze modus de voorkeur in de vroege ochtenduren.
Er is al eerder vermeld dat de lente en de herfstperiodes zijn waarin aurora’s vaker voorkomen. Dit staat bekend als het Russell-McPherron-effect, wanneer het magnetisch veld van de aarde beter is gekoppeld aan de zonnewind. Blijf dus de Kp-index in de gaten houden voor tekenen dat deze boven de 5 komt. Controleer vervolgens de banden op fladderende signalen, zelfs op de LF-banden. CW kan worden gebruikt als een vroege ‘waarschuwing’ voor mogelijke activiteit op de VHF-banden.
Aurora
Geen info deze week.
EME
Voor EME is de declinatie van de maan negatief en daalt deze tot een minimum aanstaande donderdag, wat betekent dat de maanvensters korter worden en de piekhoogte tot dan lager is. De padverliezen nemen af tot het apogeum op dinsdag 10 maart. De ruis in de lucht op 144 MHz is matig, stijgt tot een maximum van meer dan 3000 Kelvin op donderdag en daalt weer tegen het volgende weekend.
Over zonnefluxindex, zonnevlekkengetal en Kp-index
De zonnefluxindex (SFI) is een maat voor de ionisatiegraad van de ionosfeer. De SFI heeft een waardenbereik van 50 tot 300. Lage waarden signaleren doorgaans slechte of matige HF-condities en hoge juist goede (een hoge MUF). Tijdens de piek van een zonnevlekkencyclus meten we waarden van meer dan 200, met kortdurende uitschieters naar 300.
Het zonnevlekkengetal is een maat voor de activiteit van de zon. Ook nu geldt, hoe hoger de waarde, des te gunstiger voor de HF-propagatie (op hogere banden). De zonneactiviteit kan als volgt ingedeeld worden aan de hand van het zonnevlekkengetal: laag: 0-30, gematigd: 30-60, hoog: 60-90, zeer hoog: 90-120, intensief: > 120.
De Kp-index is een maat voor de magnetische fluctuaties in de ionosfeer. Lage waarden zijn gunstig voor de HF-propagatie. Vanaf een waarde van 2 beginnen HF-condities te degraderen. Boven de 5 is er sprake van ernstige verstoring en vanaf 7 kunnen zelfs radio-blackouts voorkomen, waarbij HF-communicatie volledig uitvalt. Bij hogere Kp-indexwaarden (vanaf ongeveer 3) neemt de kans op aurora overigens toe.
De beste HF-condities op de hogere banden zijn dus te verwachten bij een hoge zonnefluxindex, een hoog zonnevlekkengetal en een lage Kp-index.
Over maximaal bruikbare frequentie (MUF) en kritische frequentie
De maximaal bruikbare frequentie (MUF) is de frequentie waarbij de verwachting is dat radiosignalen nog zullen reflecteren tegen de ionosfeer. Voor paden korter dan 3000 km zal de MUF lager zijn omdat de opstralingshoek steiler is, waardoor radiosignalen makkelijker door de ionosfeer heen dringen.
De frequentie waarbij nog reflectie optreedt terwijl de opstralingshoek 90 graden is (verticaal), heet de kritische frequentie.
Tom PC5D stelt het propagatienieuws samen. Bij de samenstelling maakt hij onder andere gebruik van de voor Nederland relevante informatie uit de volgende bronnen: het wekelijkse RSGB Propagation News, DX Info Centre, HF-Referat DARC, Poollicht.be, Make More Miles on VHF, Met Office en NOAA. Propagatienieuws maakt ook deel uit van het radiojournaal van de Zuid-Limburgse zondagochtendronde. De audio-opname van deze ronde is terug te luisteren op a22.veron.nl.


VERON


VERON