Propagatienieuws – week 13 2026

PropagatienieuwsDeze week in Propagatienieuws:

Propagatienieuws wordt samengesteld door Tom Koeken (PC5D).

HF

Het voorgaande weekend was het magnetisch veld al behoorlijk onrustig, vooral op zaterdag. Snelle zonnewind uit een coronaal gat drukte de MUF aanzienlijk naar beneden, waarvan de ionosfeer zich slechts langzaam herstelde. Pas vanaf woensdag ging de 10 meter-band deels weer open. Aan het einde van de week begon de volgende stormfase met verstoorde propagatie toen drie uitgeworpen coronale massa’s (CME’s) bij de aarde kwamen en een magnetische storm veroorzaakten. Zaterdagochtend (21 maart 0000-0300 UTC) werd het storm niveau G3- (Kp 7) bereikt, en dook de MUF onder 6 MHz. Het feit dat het vrijdag de equinox was, maakte het er niet beter op vanwege het zogenaamde “Russell-McPherron-effect”: aangezien de aardas ongeveer 23,5° gekanteld is, ontstaat er rond de equinoxen een geometrische configuratie waarbij zelfs een in feite neutraal zonnemagnetisch veld er vanuit het perspectief van de aarde uitziet alsof het een sterke zuidelijke component heeft. Door magnetische reconnectie ontstaan er als het ware “scheuren” in de magnetosfeer, waardoor er sowieso al meer energie wordt geïntroduceerd.

HF-vooruitzichten

Op de zon zijn momenteel maar 2 kleinere actieve regio’s zichtbaar plus 2 grote coronale gaten. De geomagnetische activiteit zal ook in de eerste helft van de week nog niet tot rust komen vanwege snelle zonnewind uit een coronaal gat. We zullen de negatieve effecten dus nog een paar dagen voelen, totdat de ionosfeer zich weer heeft hersteld. De zonneactiviteit blijft ondertussen op een laag niveau. De zonneflux ligt in het weekend rond de 100 en zou tegen het komende weekend weer kunnen stijgen tot ongeveer 140. Als de magnetische stormen zwak blijven, dus categorie G1 (Kp 5), zullen de banden tot 15 meter opengaan. Bij wat meer magnetische activiteit (zoals zaterdagochtend) wordt het boven de 15 MHz al moeilijk. In de nacht ligt de hoogste bruikbare frequentie rond de 10 MHz, en tijdens periodes met storingen zelfs aanzienlijk lager. In ongestoorde fasen zijn er nog steeds goede DX-mogelijkheden langs de Greyline tot en met 40 meter.

Tropo

De komende dagen zijn met name 2 hogedrukgebieden van belang: één bij de Baltische staten en een tweede bij de Azoren. De kaarten op dxinfocentre.com tonen boven het zeewater in de Noordzee en tussen Ierland en Spanje gematigde tot verhoogde tropo. Pas later in de week is wat neerslag mogelijk voor eventuele regenscatter.

Sporadische-E.

Het is rustig op het gebied van Sporadic-E, hoewel we langzaam naar een periode toe gaan waarin de eerste tekenen van activiteit zich laten zien, met name op digitale modi.

Meteoorscatter

Meteorscatter zal magere resultaten opleveren, aangezien we ons tussen grote buien bevinden. Dat wil echter niet zeggen dat er geen spannende dingen kunnen gebeuren. Net na een HamSCI-workshop over meteorscatter afgelopen weekend werd op 17 maart rond 13.00 UTC op de HamSCI Google-groepen melding gemaakt van een meteoroïde van meerdere ton uit Cleveland, Ohio. Dit veroorzaakte een sonische knal en was zichtbaar in het volle daglicht.

Aurora

Een opmerking over de kans op Aurora’s, deze worden meestal versterkt door de uitlijning van de zon en de aarde rond de equinoxen. Het storm niveau G3- (Kp 7) van afgelopen nacht 21 maart heeft echter niet tot aurora spots geleid in het DX cluster.

EME

Wat EME betreft, vond gisteren het 5,7 GHz-gedeelte plaats van de Dubus CW- en SSB EME-wedstrijd en het bijbehorende all-mode-weekend. Aangezien de declinatie van de maan positief en stijgend was en de padverliezen nog steeds laag waren, heeft dit hopelijk voor een aantal mooie contacten gezorgd. Op VHF is de ruis van de hemel op 144 MHz de komende week laag.


Over zonnefluxindex, zonnevlekkengetal en Kp-index

De zonnefluxindex (SFI) is een maat voor de ionisatiegraad van de ionosfeer. De SFI heeft een waardenbereik van 50 tot 300. Lage waarden signaleren doorgaans slechte of matige HF-condities en hoge juist goede (een hoge MUF). Tijdens de piek van een zonnevlekkencyclus meten we waarden van meer dan 200, met kortdurende uitschieters naar 300.

Het zonnevlekkengetal is een maat voor de activiteit van de zon. Ook nu geldt, hoe hoger de waarde, des te gunstiger voor de HF-propagatie (op hogere banden). De zonneactiviteit kan als volgt ingedeeld worden aan de hand van het zonnevlekkengetal: laag: 0-30, gematigd: 30-60, hoog: 60-90, zeer hoog: 90-120, intensief: > 120.

De Kp-index is een maat voor de magnetische fluctuaties in de ionosfeer. Lage waarden zijn gunstig voor de HF-propagatie. Vanaf een waarde van 2 beginnen HF-condities te degraderen. Boven de 5 is er sprake van ernstige verstoring en vanaf 7 kunnen zelfs radio-blackouts voorkomen, waarbij HF-communicatie volledig uitvalt. Bij hogere Kp-indexwaarden (vanaf ongeveer 3) neemt de kans op aurora overigens toe.

De beste HF-condities op de hogere banden zijn dus te verwachten bij een hoge zonnefluxindex, een hoog zonnevlekkengetal en een lage Kp-index.

Over maximaal bruikbare frequentie (MUF) en kritische frequentie

De maximaal bruikbare frequentie (MUF) is de frequentie waarbij de verwachting is dat radiosignalen nog zullen reflecteren tegen de ionosfeer. Voor paden korter dan 3000 km zal de MUF lager zijn omdat de opstralingshoek steiler is, waardoor radiosignalen makkelijker door de ionosfeer heen dringen.

De frequentie waarbij nog reflectie optreedt terwijl de opstralingshoek 90 graden is (verticaal), heet de kritische frequentie.

 

 


Tom PC5D stelt het propagatienieuws samen. Bij de samenstelling maakt hij onder andere gebruik van de voor Nederland relevante informatie uit de volgende bronnen: het wekelijkse RSGB Propagation News, DX Info Centre, HF-Referat DARC, Poollicht.be, Make More Miles on VHF, Met Office en NOAA. Propagatienieuws maakt ook deel uit van het radiojournaal van de Zuid-Limburgse zondagochtendronde. De audio-opname van deze ronde is terug te luisteren op a22.veron.nl.