Propagatienieuws – week 16 2026

PropagatienieuwsDeze week in Propagatienieuws:

Propagatienieuws wordt samengesteld door Tom Koeken (PC5D).

HF

Het afgelopen paasweekend was geomagnetisch gezien behoorlijk onrustig en verstoorde dit de propagatie. Na Pasen werd het rustiger en was de Kp-index slechts zelden hoger dan 3 (“onrustig, geactiveerd”). Helaas daalde ook de zonnefluxindex en zakte op vrijdag naar een waarde van slechts 94. De zonnewind was meestal matig, de noord-zuidcomponent Bz was de afgelopen twee dagen grotendeels positief (naar het noorden gericht), de geomagnetische activiteit rustig tot actief (Kp 2–4). Er was ook geen groot aantal zonnevlammen, alleen op 4 april was er ’s ochtends een M1-vlam.

HF-vooruitzichten

Dit weekend hebben we te maken met een interessante mix van afgenomen zonneactiviteit en een paar geomagnetische “hikjes”.: Er zijn slechts drie zonnevlekken te zien, met een eenvoudige magnetische configuratie. De zonneflux ligt hierdoor rond de 90 tot 95. Dat is nog steeds solide, maar wel duidelijk lager dan de waarden van vorige week.
De geomagnetische activiteit is overwegend matig tot levendig (Kp 3-4), op zaterdag moet nog rekening worden gehouden met af en toe stormachtige periodes (Kp 5), op zondag zal de onrust afnemen. De snelheden van de zonnewind blijven met ongeveer 580 km/s hoog, terwijl de snelle zonnewinden uit een coronaal gat langs de aarde trekken. Naar verwachting zullen ze in de loop van het weekend afnemen. De grensfrequentie voor 3000-km-verbindingen haalt overdag mogelijk de 28-MHz-grens, maar blijft vaak stabiel in het bereik van 21 tot 24 MHz.

De 10 meter is daardoor nogal grillig. Voor overzeese DX kunnen er korte openingen zijn, vooral in zuidelijke richting (Afrika/Zuid-Amerika), maar binnen Europa blijft de band vanwege de matige MUF vaak gesloten. De 15 en 12 meter zullen dit weekend waarschijnlijk de beste banden zijn voor DX. Zodra de zon opkomt, bieden ze stabiele verbindingen. Ondanks de SFI van net onder de 100 zijn DX-signalen hier vaak nog krachtig, zolang de Kp-index niet boven de 5 eenheden uitkomt. 20 Meter is zoals gewoonlijk de meest betrouwbare band. Het is bijna 24 uur per dag open, waarbij de signalen ’s nachts iets zwakker worden. 17 meter – de geheime tip voor rustiger DX, als 20 m te druk is. De omstandigheden zijn hier bijna identiek aan 20 meter, maar met minder QRM. 30/40 Meter zijn overdag goed bruikbaar voor het lokale verkeer (PA/EU). ’s Nachts zijn verre DX-verbindingen mogelijk, maar momenteel met een verhoogd ruisniveau, omdat de geomagnetische onrust (Kp 4-5) de ionosfeer in beroering brengt. Op 80 en 160 meter, is de geomagnetische onrust het sterkst merkbaar. De demping is groter dan normaal en de signalen kunnen sterk schommelen (QSB/fading).

Nog een paar opmerkingen:
Afgelopen week zijn er 2 kometen waargenomen die in de zon zijn gedoken van 1 daarvan staan de beelden op solarham.com
https://www.solarham.com/pictures/2026/apr8_2026_comet.gif , https://www.solarham.com/pictures/2026/apr8_2026_comet.jpg
en https://www.solarham.com/pictures/2026/apr4_2026_m7.5b.jpg

Wie probeert stations via de polen te werken (bijv. de westkust van de VS of delen van Azië), zal merken dat de signalen door de geomagnetische storing sterk gedempt of vervormd zullen zijn. Daar staat tegenover dat de kans om via Greyline-DX succesvol te werken op dit moment groot is. Vooral op 30 en 40 meter kunnen er nu in april ’s ochtends en ’s avonds geweldige DX-contacten tot stand komen. En: we zijn nog ongeveer een maand verwijderd van het hoogseizoen voor Sporadic-E, dus houd je ogen en oren alvast open op 10 en 6 meter – de eerste sporadische openingen zijn in april geen zeldzaamheid.

Voor het volgende weekend 18/19 april wordt het van belang wat er over is aan activiteit van het terugkerende gebied 4392. Mogelijk loopt de Kp index dan weer op richting 6.

Tropo

Voorlopig wordt het weerbeeld bepaald door lagedrukgebieden bij Schotland en Italië. Hierdoor hoeven we niet te rekenen op noemenswaardige tropocondities. Alleen de dagelijkse temperatuurschommelingen kunnen mogelijk nog wat verbetering opleveren. Wisselvallig weer met regen of buien levert nog wat kansen voor regenscatter op de hogere GHz-banden, aangezien de aprilbuien hevig kunnen.

Sporadische-E.

Sporadic-E zal binnenkort zijn intrede doen, vooral op de 10m-band, maar realistisch gezien moeten we waarschijnlijk wachten tot we in mei zijn voordat de kansen voor de 6m-band meer de moeite waard zijn. Het is vaak kenmerkend voor het begin van het Sporadic-E-seizoen dat de traditionele twee activiteit periodes van het hoogseizoen, ’s ochtends en ’s middags, beginnen als één brede periode rond het midden van de dag.

Meteoorscatter

Meteorscatter staat nog steeds onder invloed van random activiteit en is het beste in de vroege ochtenduren.

Aurora

Voor Aurora is het afwachten wat de Kp index in de loop van de week gaat doen  als een terugkerend actief gebied weer zichtbaar wordt.

EME

Voor EME-operators begint de declinatie van de maan weer te stijgen en wordt deze op woensdag 15 april positief. De padverliezen tussen aarde, maan en aarde zijn nu voorbij het maximum en blijven de hele week dalen. De 144 MHz-ruis is op de 12e, hoog en zal de rest van de week dalen tot een laag niveau. Vrijdag 17 april zal een uitzondering zijn, omdat de maan en de zon dicht bij elkaar staan aan de hemel.


Over zonnefluxindex, zonnevlekkengetal en Kp-index

De zonnefluxindex (SFI) is een maat voor de ionisatiegraad van de ionosfeer. De SFI heeft een waardenbereik van 50 tot 300. Lage waarden signaleren doorgaans slechte of matige HF-condities en hoge juist goede (een hoge MUF). Tijdens de piek van een zonnevlekkencyclus meten we waarden van meer dan 200, met kortdurende uitschieters naar 300.

Het zonnevlekkengetal is een maat voor de activiteit van de zon. Ook nu geldt, hoe hoger de waarde, des te gunstiger voor de HF-propagatie (op hogere banden). De zonneactiviteit kan als volgt ingedeeld worden aan de hand van het zonnevlekkengetal: laag: 0-30, gematigd: 30-60, hoog: 60-90, zeer hoog: 90-120, intensief: > 120.

De Kp-index is een maat voor de magnetische fluctuaties in de ionosfeer. Lage waarden zijn gunstig voor de HF-propagatie. Vanaf een waarde van 2 beginnen HF-condities te degraderen. Boven de 5 is er sprake van ernstige verstoring en vanaf 7 kunnen zelfs radio-blackouts voorkomen, waarbij HF-communicatie volledig uitvalt. Bij hogere Kp-indexwaarden (vanaf ongeveer 3) neemt de kans op aurora overigens toe.

De beste HF-condities op de hogere banden zijn dus te verwachten bij een hoge zonnefluxindex, een hoog zonnevlekkengetal en een lage Kp-index.

Over maximaal bruikbare frequentie (MUF) en kritische frequentie

De maximaal bruikbare frequentie (MUF) is de frequentie waarbij de verwachting is dat radiosignalen nog zullen reflecteren tegen de ionosfeer. Voor paden korter dan 3000 km zal de MUF lager zijn omdat de opstralingshoek steiler is, waardoor radiosignalen makkelijker door de ionosfeer heen dringen.

De frequentie waarbij nog reflectie optreedt terwijl de opstralingshoek 90 graden is (verticaal), heet de kritische frequentie.

 


Tom PC5D stelt het propagatienieuws samen. Bij de samenstelling maakt hij onder andere gebruik van de voor Nederland relevante informatie uit de volgende bronnen: het wekelijkse RSGB Propagation News, DX Info Centre, HF-Referat DARC, Poollicht.be, Make More Miles on VHF, Met Office en NOAA. Propagatienieuws maakt ook deel uit van het radiojournaal van de Zuid-Limburgse zondagochtendronde. De audio-opname van deze ronde is terug te luisteren op a22.veron.nl.