Propagatienieuws – week 19 2026

PropagatienieuwsDeze week in Propagatienieuws:

Propagatienieuws wordt samengesteld door Tom Koeken (PC5D).

HF

Afgelopen week was zo ongeveer het beste wat je in deze fase van de zonnecyclus kan verwachten. De zonneflux (SFI) was boven de 140 en op 25 april zelfs boven de grens van 150. Daardoor werd het radioweer vooral bepaald door de geomagnetische activiteit. Deze was de afgelopen dagen overwegend rustig tot onrustig (Kp 1-3), alleen in de nacht van 1 mei schoot de k-waarde kortstondig boven de 5 uit. De overwegend rustige geomagnetische activiteit en de hogere zonneactiviteit hielpen de MUF weer iets omhoog. De 15-m-band opende op de meeste dagen stabiel. De dagelijkse maximumwaarde van de MUF bij een sprongafstand van 3000 km bereikte waarden tussen 20 en 26 MHz, waardoor ook de 12-meterband tijdelijk opende.

HF-vooruitzichten

Voor de komende week wordt een afname van de zonneactiviteit verwacht; aangezien de zonneactiviteit momenteel als laag tot matig wordt beoordeeld (het risico op zonnevlammen ligt tussen 10 procent voor X-vlammen en 50 procent voor M-vlammen). Er is geen groot coronagat in zicht, dus de overwegend rustige geomagnetische omstandigheden kunnen tot 6 mei aanhouden. Daarna is een verslechtering van de ionosferische propagatie te verwachten vanwege de afnemende zonneactiviteit en de passage van CME’s met verhoogde geomagnetische activiteit. Tot die tijd zouden overdag alle banden tot 15 meter goed bruikbaar moeten zijn, 12 meter af en toe, en ook op 10 meter zullen er openingen zijn, vooral in zuidelijke richtingen. We beginnen nu aan het Sporadic-E-seizoen, dus let op kortstondige maar sterke openingen rond Europa op de 12- en 10-meterbanden. ’s Nachts blijft 20 meter vaak tot ver na middernacht open.

Tropo

Dit weekend zien we een trendbreuk doordat voorlopig lagedrukgebieden het weekbeeld gaan bepalen. De kans op tropo is verwaarloosbaar (afgezien van de dagelijkse dag/nacht schommelingen in de temperatuur). Regen- en onweersbuien kunnen wel kansen bieden voor regenscatter op de GHz banden.

Sporadische-E.

Het Sporadic-E-seizoen komt langzaam op gang en het is zeker de moeite waard om te kijken of er activiteit is, in eerste instantie op de 10- en 6-meterbanden. Controleer zowel op SSB- en CW-activiteit als op digitale modi. Voor het monitoren van de propagatie is het ook zinvol om 40,680 MHz in de gaten te houden voor FT8 signalen. In een aantal landen mogen amateurs uitkomen op deze frequentie. Deze frequentie staat niet standaard in WSJT-X dus die moet je even handmatig toevoegen. Er wordt nog steeds gewerkt aan de website propquest.co.uk. Er ontbreken nog enkele elementen, maar hopelijk zijn deze snel weer terug.

Meteoorscatter

Meteorscatter wordt volgende week waarschijnlijk versterkt door de Eta Aquariden [uitspraak etta aqua-rieden], die op woensdag 6 mei 9 uur UTC hun hoogtepunt bereiken en verband houden met de komeet Halley. Onder optimale omstandigheden (en duisternis) zouden 50 meteoren per uur waarneembaar moeten zijn (ZHR 50). Deze meteorenregen, die net als de Orioniden in oktober verband houdt met komeet 1P/Halley, wordt gekenmerkt door een breed maximum, soms met een wisselend aantal submaxima. IMO-analyses op basis van gegevens verzameld sinds 1984 geven aan dat de ZHR’s over het algemeen boven de 30 liggen in de periode van 3 tot 10 mei. De variabiliteit van de pieksnelheden op een tijdschaal van ongeveer 12 jaar, die verband houdt met de omlooptijd van Jupiter, is in een recent onderzoek niet bevestigd. De ZHR in 2019 en 2020 was aanzienlijk lager dan voorspeld. Recente ZHR’s op het hoogtepunt varieerden van 85 hr-1 (2008) tot 40 hr-1 (2023). In 2024 zijn licht verhoogde frequenties waargenomen.
Houd er rekening mee dat het stralingspunt van de η-Aquariiden zich boven de horizon bevindt (waardoor de meteorenregen alleen in Europa bruikbaar is voor MS) in (ongeveer) de zeer late nacht- en ochtenduren. Terwijl stations in Zuid-Europa het stralingspunt tot vroeg in de middag kunnen zien, culmineert het stralingspunt in de lucht boven Noord-Europa op een relatief lage hoogte, waardoor een waarnemer het stralingspunt veel korter kan zien.

Er zullen deze maand ook enkele overdag actieve meteorenregens zijn, wat een brede activiteit rond 10/11 mei oplevert. Naast een toenemende achtergrond van sporadische meteoren, zullen deze goede omstandigheden bieden voor MS DXing.

Aurora

De kans op Aurora’s neemt waarschijnlijk af na de voorjaarsperiode, maar controleer zoals gewoonlijk later in de week de Kp-index op hoge waarden boven de 5.

EME

De maan beweegt zondag 3 mei, naar de minimale declinatie, dus er zullen korte maanvensters zijn en een lage piekhoogte. De signaalverliezen nemen nog steeds toe tot het apogeum op maandag 4 mei, wanneer de maan op 405.840 km het verst van de aarde verwijderd is. De 144 MHz-hemeltemperatuur bereikt op woensdag 6 mei een maximum van meer dan 2.800 Kelvin.


Over zonnefluxindex, zonnevlekkengetal en Kp-index

De zonnefluxindex (SFI) is een maat voor de ionisatiegraad van de ionosfeer. De SFI heeft een waardenbereik van 50 tot 300. Lage waarden signaleren doorgaans slechte of matige HF-condities en hoge juist goede (een hoge MUF). Tijdens de piek van een zonnevlekkencyclus meten we waarden van meer dan 200, met kortdurende uitschieters naar 300.

Het zonnevlekkengetal is een maat voor de activiteit van de zon. Ook nu geldt, hoe hoger de waarde, des te gunstiger voor de HF-propagatie (op hogere banden). De zonneactiviteit kan als volgt ingedeeld worden aan de hand van het zonnevlekkengetal: laag: 0-30, gematigd: 30-60, hoog: 60-90, zeer hoog: 90-120, intensief: > 120.

De Kp-index is een maat voor de magnetische fluctuaties in de ionosfeer. Lage waarden zijn gunstig voor de HF-propagatie. Vanaf een waarde van 2 beginnen HF-condities te degraderen. Boven de 5 is er sprake van ernstige verstoring en vanaf 7 kunnen zelfs radio-blackouts voorkomen, waarbij HF-communicatie volledig uitvalt. Bij hogere Kp-indexwaarden (vanaf ongeveer 3) neemt de kans op aurora overigens toe.

De beste HF-condities op de hogere banden zijn dus te verwachten bij een hoge zonnefluxindex, een hoog zonnevlekkengetal en een lage Kp-index.

Over maximaal bruikbare frequentie (MUF) en kritische frequentie

De maximaal bruikbare frequentie (MUF) is de frequentie waarbij de verwachting is dat radiosignalen nog zullen reflecteren tegen de ionosfeer. Voor paden korter dan 3000 km zal de MUF lager zijn omdat de opstralingshoek steiler is, waardoor radiosignalen makkelijker door de ionosfeer heen dringen.

De frequentie waarbij nog reflectie optreedt terwijl de opstralingshoek 90 graden is (verticaal), heet de kritische frequentie.

 


Tom PC5D stelt het propagatienieuws samen. Bij de samenstelling maakt hij onder andere gebruik van de voor Nederland relevante informatie uit de volgende bronnen: het wekelijkse RSGB Propagation News, DX Info Centre, HF-Referat DARC, Poollicht.be, Make More Miles on VHF, Met Office en NOAA. Propagatienieuws maakt ook deel uit van het radiojournaal van de Zuid-Limburgse zondagochtendronde. De audio-opname van deze ronde is terug te luisteren op a22.veron.nl.