Propagatienieuws – week 35 2025

PropagatienieuwsDeze week in Propagatienieuws:

Propagatienieuws wordt samengesteld door Tom Koeken (PC5D).

HF

Vorige week daalde de zonneflux kortstondig tot 114, voordat hij op vrijdag weer steeg tot 136. De oorzaak van deze daling was dat alle nog zichtbare actieve gebieden tegelijkertijd afnamen. Momenteel zijn er vier zonnevlekgebieden op de zichtbare schijf. AR4191 is het grootste gebied en draait vanaf de oostelijke rand in het gezichtsveld. De kritische frequentie overdag is grotendeels boven de 7,5 MHz gebleven, wat betekent dat de 40 m-band goed is gebleven voor verbindingen binnen Nederland. Het aardmagnetisch veld was relatief rustig, maar tegen het einde van de week werd het iets onrustiger als gevolg van een klein coronaal gat en een zwakke coronale massa-uitbarsting.

HF-vooruitzichten

Op dit moment verwachten zonnewaarnemers nieuwe actieve gebieden aan de oostelijke rand van de zon, waardoor de zonneflux de grens van 140 zou kunnen overschrijden. Voor het midden van de week wordt echter een momenteel groter wordend coronaal gat verwacht, vooral op dinsdag en woensdag kan een levendig tot licht stormachtig aardmagnetisch veld worden verwacht. Een kleine maand voor de equinox begint de zomerse rust langzaam af te nemen. De dagen worden nu merkbaar korter, de ionosfeer koelt af en wordt dichter, de MUF stijgt. Het duurt nog een paar weken voordat we weer zeker kunnen rekenen op DX op de        10 m-band, maar er zijn al duidelijk openingen zichtbaar in de propagatieroutes via de F2-regio, vooral in zuidelijke richtingen. De MUF varieert van circa 10 MHz in de nacht tot boven 21 MHz in de middag op ongestoorde dagen. Sporadische E is op zijn retour, maar tussendoor zijn er nog steeds prachtige openingen.

VHF en EME

Tropo

In de komende dagen ligt Nederland onder een hogedrukgebied met in her eerste deel van de week weinig wind of neerslag. Voor propagatie levert dat weinig mogelijkheden op: geen noemenswaardige regenscatter en tropo hooguit redelijk of op grote afstand.

Sporadische-E

Sporadische E houdt nog een week of twee stand maar de kansen worden veel zeldzamer. Je moet de banden nauwlettend in de gaten houden om deze steeds vluchtiger wordende gebeurtenissen te kunnen vastleggen. In het hoofdseizoen van Sporadische-E zijn er meestal twee duidelijk gedefinieerde pieken in de activiteit, ’s ochtends en laat in de middag. Aan het einde van het Sporadische-E-seizoen is de kans echter net zo groot dat je het rond het midden van de dag aantreft als op elk ander moment.

Aurora

De Kp-index bereikte op 19 augustus een waarde van 4,67 doordat de zonnewind met een snelheid van meer dan 600 kilometer per seconde op de aarde insloeg. Het interplanetaire magnetische veld grotendeels neutraal, of naar het noorden gericht, en was de dichtheid laag zodat een aurora opening uitbleef. Het is vermeldenswaard dat de herfst, samen met de lente, de periodes van het jaar zijn waarin aurora’s vaker voorkomen.

Meteoorscatter

We bevinden ons aan het einde van de bredere periode van de Perseïden-meteorenregen, die de 24e eindigt. Hierdoor blijft willekeurige meteorenactiviteit voorlopig de enige optie. Zoals degenen die actief zijn in deze modus al weten, is de kans op meteorscatter het grootst in de vroege ochtenduren voor zonsopgang.

EME

De declinatie van de maan is nog steeds positief, maar daalt en wordt maandag negatief. De lengte van het maanvenster en de piekhoogte zullen dus volgen. De padverliezen nemen weer toe naarmate we het apogeum naderen op vrijdag 29 augustus. De 144 MHz-ruis was laag tot lunchtijd op vrijdag 22 augustus, toen de zon en de maan heel dicht bij elkaar stonden aan de hemel.


Over zonnefluxindex, zonnevlekkengetal en Kp-index

De zonnefluxindex (SFI) is een maat voor de ionisatiegraad van de ionosfeer. De SFI heeft een waardenbereik van 50 tot 300. Lage waarden signaleren doorgaans slechte of matige HF-condities en hoge juist goede (een hoge MUF). Tijdens de piek van een zonnevlekkencyclus meten we waarden van meer dan 200, met kortdurende uitschieters naar 300.

Het zonnevlekkengetal is een maat voor de activiteit van de zon. Ook nu geldt, hoe hoger de waarde, des te gunstiger voor de HF-propagatie (op hogere banden). De zonneactiviteit kan als volgt ingedeeld worden aan de hand van het zonnevlekkengetal: laag: 0-30, gematigd: 30-60, hoog: 60-90, zeer hoog: 90-120, intensief: > 120.

De Kp-index is een maat voor de magnetische fluctuaties in de ionosfeer. Lage waarden zijn gunstig voor de HF-propagatie. Vanaf een waarde van 2 beginnen HF-condities te degraderen. Boven de 5 is er sprake van ernstige verstoring en vanaf 7 kunnen zelfs radio-blackouts voorkomen, waarbij HF-communicatie volledig uitvalt. Bij hogere Kp-indexwaarden (vanaf ongeveer 3) neemt de kans op aurora overigens toe.

De beste HF-condities op de hogere banden zijn dus te verwachten bij een hoge zonnefluxindex, een hoog zonnevlekkengetal en een lage Kp-index.

Over maximaal bruikbare frequentie (MUF) en kritische frequentie

De maximaal bruikbare frequentie (MUF) is de frequentie waarbij de verwachting is dat radiosignalen nog zullen reflecteren tegen de ionosfeer. Voor paden korter dan 3000 km zal de MUF lager zijn omdat de opstralingshoek steiler is, waardoor radiosignalen makkelijker door de ionosfeer heen dringen.

De frequentie waarbij nog reflectie optreedt terwijl de opstralingshoek 90 graden is (verticaal), heet de kritische frequentie.

 

 


Tom PC5D stelt het propagatienieuws samen. Bij de samenstelling maakt hij onder andere gebruik van de voor Nederland relevante informatie uit de volgende bronnen: het wekelijkse RSGB Propagation News, DX Info Centre, HF-Referat DARC, Poollicht.be, Make More Miles on VHF, Met Office en NOAA. Propagatienieuws maakt ook deel uit van het radiojournaal van de Zuid-Limburgse zondagochtendronde. De audio-opname van deze ronde is terug te luisteren op a22.veron.nl.