Propagatienieuws – week 6 2026

PropagatienieuwsDeze week in Propagatienieuws:

Propagatienieuws wordt samengesteld door Tom Koeken (PC5D).

HF

In vergelijking met de week ervoor verliep de afgelopen week rustiger. De geomagnetische storingen namen geleidelijk af, evenals de zonneactiviteit. De Kp-index lag vaak rond de 4, wat te wijten was aan snelle zonnewind uit coronale gaten. De zonnefluxindex (SFI) daalde binnen een week van 195 naar 128. De MUF voor een sprongafstand van 3000 km steeg weer regelmatig tot waarden boven 30 MHz. De 10-meterband was dagelijks open, onder andere naar Zuid-Amerika, maar de signalen waren vaak nogal zwak.

HF-vooruitzichten

Voor de komende week voorspellen de meteorologen halverwege de week een SFI tot ongeveer 140, daarna wordt weer een lichte daling tot ongeveer 120 verwacht. De geomagnetische activiteit zal tot halverwege de week grotendeels rustig blijven; in de tweede helft van de week kan een verhoogde activiteit worden verwacht.
De MUF zal variëren van circa 7 MHz aan het eind van de nacht tot ruim 30 MHz overdag. Daardoor zouden alle bovenste banden moeten openen, inclusief de 10-meterband, hoewel de signalen daar niet zo sterk zullen zijn als gehoopt. De 15-meterband opent ongeveer van zonsopgang tot zonsondergang, de 20-meterband blijft vaak tot na 1900 UTC open. In de tweede helft van de nacht daalt de MUF meestal tot onder 10 MHz; soms worden zelfs waarden onder 7 MHz bereikt.
Goede omstandigheden zijn ook wenselijk voor de komende DX-pedities, met name half februari 3Y0K naar Bouvet Island – een onbewoond vulkanisch eiland op de Zuid-Atlantische rug, ongeveer 2500 km ten zuidwesten van Kaap de Goede Hoop – wat qua radiotechniek een hele uitdaging is.

VHF en EME

Tropo

Er zijn voorlopig geen hogedrukgebieden in de buurt. Wel duikt in de komende dagen tijdelijk een lagedrukgebied op ten westen van Ierland. Hierdoor blijven de tropocondities niet noemenswaardig. Wel is er af en toe wat neerslag die mogelijk voor regenscatter kan worden benut. Mocht het natte sneeuw of sneeuw worden dan kan hierdoor af en toe statische ruis op antennes optreden.

Sporadische-E.

Sporadische E neemt meestal een pauze in deze tijd van het jaar, maar als je de foE-trace op propquest.co.uk bekijkt, zie je dat er af en toe pieken zijn in de grafiek van de gegevens uit Dourbes in België. Dit suggereert dat, hoewel zeldzaam, sporadische E buiten het seizoen wel degelijk voorkomt, vooral op de lagere banden zoals 10 en 6 m.

Aurora

Er is de laatste tijd een gestage stroom van aurora-waarschuwingen geweest. Dit waren meestal kleine gebeurtenissen, maar het versterkt het idee dat het de moeite waard is om de Kp-index in de gaten te houden, die een indicatie geeft van de geomagnetische activiteit van de aarde. Hoge Kp-waarden zijn een nuttige indicator voor een mogelijke aurora-gebeurtenis.

Meteoorscatter

Sporadische meteoren bereiken nu hun seizoensminimum, maar meteorscatter-contacten via “sporadics” zijn nog steeds mogelijk, vooral in de vroege ochtenduren. In februari en maart zijn er slechts kleine meteorenregens te zien. De belangrijkste is de Capricorniden/Sagittariiden met een piek op 1 februari, een meteorenregen met een gemiddelde ZHR overdag; de radiant bereikt zijn hoogtepunt op een relatief lage hoogte aan de noordelijke hemel. Merk op dat recente radioresultaten aangeven dat de piek van de Capricorniden/Sagittariiden ergens tussen 1 en 4 februari kan vallen.
Waarnemers op het zuidelijk halfrond zullen de activiteit van de α-Centauriden controleren. De gemiddelde piek ZHR van deze meteorenregen bedroeg tussen 1988 en 2007 slechts 6 hr-1, maar in 1974 en 1980 leverden uitbarstingen van enkele uren een ZHR op van bijna 20-30 hr-1. Op 14 februari 2015 werd aanzienlijke activiteit gemeld, hoewel er geen bevestiging was van een uitbarsting die voor 8 februari 2015 was voorspeld. Een uitbarsting tijdens 13-15 februari 2021, in verband met γ-Cruciden, zou een terugkeer van de α-Centauriden kunnen zijn geweest.

EME

Deze week is de declinatie van de maan positief en dalend, en wordt op donderdag weer negatief. De lengte van het maanvenster en de piekhoogte nemen af. De padverliezen nemen weer toe nu we op 29 januari het perigeum zijn gepasseerd. De hemelruis op 144 MHz zal de hele week laag zijn.


Over zonnefluxindex, zonnevlekkengetal en Kp-index

De zonnefluxindex (SFI) is een maat voor de ionisatiegraad van de ionosfeer. De SFI heeft een waardenbereik van 50 tot 300. Lage waarden signaleren doorgaans slechte of matige HF-condities en hoge juist goede (een hoge MUF). Tijdens de piek van een zonnevlekkencyclus meten we waarden van meer dan 200, met kortdurende uitschieters naar 300.

Het zonnevlekkengetal is een maat voor de activiteit van de zon. Ook nu geldt, hoe hoger de waarde, des te gunstiger voor de HF-propagatie (op hogere banden). De zonneactiviteit kan als volgt ingedeeld worden aan de hand van het zonnevlekkengetal: laag: 0-30, gematigd: 30-60, hoog: 60-90, zeer hoog: 90-120, intensief: > 120.

De Kp-index is een maat voor de magnetische fluctuaties in de ionosfeer. Lage waarden zijn gunstig voor de HF-propagatie. Vanaf een waarde van 2 beginnen HF-condities te degraderen. Boven de 5 is er sprake van ernstige verstoring en vanaf 7 kunnen zelfs radio-blackouts voorkomen, waarbij HF-communicatie volledig uitvalt. Bij hogere Kp-indexwaarden (vanaf ongeveer 3) neemt de kans op aurora overigens toe.

De beste HF-condities op de hogere banden zijn dus te verwachten bij een hoge zonnefluxindex, een hoog zonnevlekkengetal en een lage Kp-index.

Over maximaal bruikbare frequentie (MUF) en kritische frequentie

De maximaal bruikbare frequentie (MUF) is de frequentie waarbij de verwachting is dat radiosignalen nog zullen reflecteren tegen de ionosfeer. Voor paden korter dan 3000 km zal de MUF lager zijn omdat de opstralingshoek steiler is, waardoor radiosignalen makkelijker door de ionosfeer heen dringen.

De frequentie waarbij nog reflectie optreedt terwijl de opstralingshoek 90 graden is (verticaal), heet de kritische frequentie.

 

 


Tom PC5D stelt het propagatienieuws samen. Bij de samenstelling maakt hij onder andere gebruik van de voor Nederland relevante informatie uit de volgende bronnen: het wekelijkse RSGB Propagation News, DX Info Centre, HF-Referat DARC, Poollicht.be, Make More Miles on VHF, Met Office en NOAA. Propagatienieuws maakt ook deel uit van het radiojournaal van de Zuid-Limburgse zondagochtendronde. De audio-opname van deze ronde is terug te luisteren op a22.veron.nl.